Woordenschat woensdag: Dobbelen maar!

Learn words with dice!

Voor woordenschatoefeningen maak ik vaak gebruik van dobbelstenen. Naast de gewone stippendobbelsteen, waar natuurlijk zoveel activiteiten mee te doen zijn, kun je nog meer bruikbare dobbelstenen vinden. Voor materialen zoals deze dobbelstenen ga ik meestal naar Credu, een leuke website voor educatief materiaal. Ze hebben meerdere dobbelstenen in hun assortiment die heel geschikt zijn voor woordenschatoefeningen.

De eerste dobbelsteen is meteen mijn favoriet. Het is een dobbelsteen met insteekvakken. Deze is zo ideaal omdat ik meestal met woordkaarten werk. Stop de woordkaarten erin en gooien maar. Gooi de dobbelsteen naar een kind en roep Say what you see. Het kind dat de dobbelsteen vangt, benoemt de afbeelding die hij ziet in het Engels, en gooit hem weer naar een ander kind. Idealiter heb je meerdere van deze dobbelstenen in de klas, of in de speelzaal, want dan kunnen de kinderen deze activiteit in kleinere groepen uitvoeren. Dan zijn ze allemaal tegelijk op een actieve manier bezig, precies wat we willen!

Dobbelsteen met insteekvakken

De volgende dobbelsteen die ik vaak gebruik is de beschrijfbare dobbelsteen. Deze heb je in het klein en in het groot. Voor in de kring is de grote variant aan te raden. Teken op deze dobbelsteen met een whiteboardstift de afbeeldingen die je wilt oefenen. Dit is meteen het nadeel van deze dobbelsteen: niet iedereen is goed in tekenen. Maar de dobbelsteen is ook magnetisch, dus als je magnetisch plakband op woordkaarten plakt, zou het moeten blijven zitten. Maar dan is het misschien toch praktischer om de dobbelsteen met insteekvakken aan te schaffen.
Ik ben zelf ook niet zo’n tekenwonder dus ik gebruik deze dobbelsteen vooral om getallen hoger dan 6 in te oefenen. Of de tientallen bij kinderen die daar al aan toe zijn. Bij oudere kinderen gebruik ik er meerdere om zinnen te vormen en grammatica te oefenen.

Beschrijfbare dobbelsteen

Gaan we door met de volgende soort. Ken je de verteldobbelstenen al? Er zijn veel variaties van en ze zijn allemaal bruikbaar in de Engelse les. En dan niet om meteen hele verhalen te laten vertellen. Maar wel om het plaatje te benoemen en als ze wat verder zijn combinaties maken met een ander woord. Wordt er bijvoorbeeld huis gegooid, dan zeggen ze a big house. Ik vind de Story cubes Max Actions ook heel fijn, omdat die werkwoorden tonen die je ook meteen kunt uitbeelden, zoals luisteren, voetballen, kloppen enzovoorts.

Een andere dobbelsteen die bij Credu te krijgen is, is de grote vormendobbelsteen van foam. Deze dobbelsteen is goed te combineren met een bewegingspel zoals eerder hier gedeeld. Teken de vormen of de kleuren op het schoolplein en laat de kinderen rennen naar die vorm. Degene die de dobbelsteen gooit, benoemt hardop de vorm of kleur.
Ook een leuk spel is om met stoepkrijt meerdere ‘twister’ speelvelden te maken. Gebruik daar dan ook de beschrijfbare dobbelsteen bij voor de links-rechts-hand-voet bepaling. Of…

Whiteboardspinner

… oké, dit is geen dobbelsteen, maar voor de variatie is dit wel een leuke aanvulling! En voor de geweldige prijs van €2,75 hoef je het zeker niet te laten. Deze spinner is weer met een whiteboardstift te beschrijven dus voor het twisterspel teken je handen en voeten (eventueel met links en rechts, afhankelijk van hoe moeilijk je het wil maken).
Mocht je de afbeeldingen die je wilt aanleren niet kunnen tekenen, geen paniek. Daar heb ik ook een oplossing voor gevonden. Leg de spinner op een groot vel papier en trek de lijnen door. Hierdoor onstaan grotere vakken waar je met gemak voorwerpen of woordkaarten in kunt leggen.

Met al deze artikelen zijn veel spellen te verzinnen, maar het belangrijkste bij alle activiteiten is dat ze benoemen wat ze gegooid of gedraaid hebben. Say what you see! Enjoy!

P.S. Met dank aan Credu voor het mogen gebruiken van de foto’s!

 

 

Woordenschat woensdag: bewegingsles


Het is weer woensdag dus tijd voor een lesidee voor woordenschatuitbreiding.

Bewegingslessen zijn heel geschikt om in te zetten voor Engels met kleuters. Ik probeer in de lessen Engels vaak beweging in te bouwen én ervoor te zorgen dat elk kind iets te doen heeft. Voor deze les ga je de speelzaal in, of naar buiten. Kies vier of vijf woorden die je wilt inoefenen. Hang afbeeldingen van die woorden verspreid door de zaal. Je kunt ook de afbeeldingen met stoepkrijt op het schoolplein tekenen.

Als voorbeeld kiezen we voor de vormen. Teken met stoepkrijt 4 vormen in verschillende kleuren goed verspreid over het schoolplein. Geef nu opdrachten: Walk to the circle. Run to the square. Jump to the triangle. Skip to the rectangle. Voeg ook de kleuren toe. Hop to the red square. 

Verdeel de klas eens op. All the girls run to the triangle. If you are five years old, jump to the rectangle. Laat ook kinderen een opdracht geven. Zijn volle zinnen nog te moeilijk, help dan door te vragen: where are we going? How are we going there? 

Wees ook creatief met bewegingsvormen. Laat ze kruipen, als kikkers springen, achteruitlopen. Belangrijk blijft dat je het tempo hoog houdt. Na 10 minuten zijn ze dan moe, maar reken maar dat de woorden er bij de meeste kinderen in zitten!

Materiaal Maandag

Regelmatig krijg ik de vraag of ik nog tips heb voor boeken of spellen voor Engels met kleuters. Heb je een paar uurtjes, zeg ik dan. Mijn kast staat namelijk vol met geweldige boeken en spelmaterialen. Maar het leuke is, jouw klas staat óók vol met prachtige materialen die je prima kunt gebruiken bij de Engelse les. Daarom voer ik nu Materiaal Maandag in. Elke maandag geef ik tips en lesideeën bij materialen. Misschien is het niet altijd een materiaal dat jij in de klas hebt staan, maar vaak heb je wel iets vergelijkbaars liggen, dat net zo goed te gebruiken is. En misschien geeft het je een tip voor je wensenlijst.

De eerste tip die ik je geef betreft het klassieke materiaal logiblocs. Wie kent ze niet en welke klas heeft er geen soortgelijk vormenmateriaal staan?

Dit materiaal heeft van zichzelf al ontzettend veel mogelijkheden. Je kunt er alle basisbegrippen mee oefenen. De vorm, de kleur, de begrippen dik-dun, groot-klein en natuurlijk tellen, hoeveelheden en seriëren. Dit bied je regelmatig aan in het Nederlands. Gebruik het ook in de Engelse les en combineer het met mijn woordenschattip van woensdag. Stand up if you have a triangle; Stand up if you have a blue circle; Stand up if you have a thin red rectangle. Perfecte oefening voor het passief woordenschat.

Voor de actieve woordbeheersing leg je een reeks neer. Laat de kinderen de reeks hardop benoemen en uitbreiden. Steeds het rijtje herhalen en aanvullen is een vlotte manier om de woorden in te prenten. Gebruik één, twee of drie eigenschappen en maak de reeks zo kort of lang als jouw groep aankan. Have fun!